Bang voor doperwten

De afgelopen periode ben ik bezig geweest met een longread over orthorexia: een ziekelijke fixatie op gezond eten. Het eindresultaat is hieronder te lezen. Ook is de longread te bekijken op de site van ons project, waar ook verhalen van groepsleden terug te vinden zijn.


“Er zit een echt een gat qua hulp. Toen ik bij die hulpgroep zat voor meisjes met anorexia kregen we als richtlijn de Schijf van Vijf. Ik merkte dat de experts die ons hielpen daar enorm aan vasthielden. Voor mij was dat ondenkbaar, want er zaten allemaal dingen in die schijf die ik absoluut niet wilde eten. Daar zouden hulpverleners meer in opgeleid moeten worden. Ik wilde namelijk wel eten, maar ik wilde gewoon geen ongezonde dingen eten.”
Zo’n grote obsessie ontwikkelen voor gezond eten dat het uitmondt in een eetstoornis. Lysanne Hopman (22) weet daar alles van, zij had orthorexia. Orthorexia is een eetstoornis waarbij zo “gezond” mogelijk wordt gegeten. Omdat hele productgroepen (zoals vlees en brood) worden vermeden volgt vaak ondergewicht en lopen patiënten een groot risico. Maar orthorexia is op dit moment nog geen officieel erkende eetstoornis terwijl het extreme gevolgen kan hebben.

Lysanne’s verhaal begint in groep acht. Echt op haar plek voelt ze zich niet tussen de kinderen van de basisschool. Ze pesten haar. Het zorgt voor een hoop onzekerheid. Op de middelbare school was het beter. Ze heeft er vriendinnen en heeft het er naar haar zin. Maar de onzekerheid blijft. Daarnaast vindt ze zichzelf altijd te dik.
“Bij schoolartscontroles zat ik altijd net iets boven het gemiddelde, maar in mijn hoofd was het veel erger. Ik was altijd bezig met mijn gewicht en zag mezelf als een lelijk dik meisje dat niets goed kon doen,” vertelt ze.
In de tweede klas van de middelbare school gaat ze daarom crashdiëten maar elke kilo die ze daarmee afvalt komt er ook weer bij. Uiteindelijk verdiept ze zich in voedsel en wat slecht is in haar ogen, laat ze liggen. Ze valt nu definitief een paar kilo af. “Ik had eindelijk iets gevonden waar ik goed in was. Ik verdiepte me in gezonde voeding, zocht op internet naar wat ik het beste kon eten maar iedereen schreef wat anders. Dan las ik ergens dat tarwe slecht voor je was en dan stond er ergens anders dat je dat juist wel mocht eten. Uiteindelijk was ik bang voor eten omdat ik gewoon niet meer wist wat gezond was en wat niet.”

Vanaf dat moment gaat het snel bergafwaarts. “Ik was me er niet echt van bewust hoe erg het was. Mijn moeder zag al dat het niet klopte. Toen gingen we naar de huisarts en daar werd ik gewogen en werd mijn bloeddruk en hartslag gemeten. Iets later kreeg ik te horen dat ik anorexia had. Ik ging een speciaal traject in, moest naar de psycholoog en kreeg een voedingsschema van een diëtist.”

De reacties om haar heen hielpen niet. “Op school zagen mensen natuurlijk ook dat ik te dun was. Maar dan werden er dingen gezegd als “Je kan wel een hamburger eten!” of “Chocola is toch lekker?” Dat wilde ik natuurlijk absoluut niet omdat dat in mijn ogen superslecht was.”

“Eén meisje zei dat ik super mooie benen had. Ik begreep dat totaal niet: ze waren veel te dun!

Als een vorm van therapie ging ze naar een hulpgroep voor meisjes met anorexia. De bedoeling ervan was om samen met haar ouders haar problemen op te lossen. Samen met hulpverleners sprak ze over voedsel en daarna werd er samen gegeten. Maar dat beviel niet goed. “Ik vond het echt niet leuk bij die cursus. Ik ging er absoluut met tegenzin heen.”
Dit kwam vooral omdat Lysanne al snel merkte dat ze anders was dan de andere meisjes.
“Daarvoor zat ik bij een andere groep. Eén meisje daar zei dat ik super mooie benen had. Ik begreep dat totaal niet: ze waren veel te dun! Het klopte niet voor mijn gevoel. De andere meisjes wilden niks eten omdat ze bang waren aan te komen. Ik wilde uiteindelijk ook wel afvallen, maar ik wilde wel eten. Ik wilde alleen geen ongezonde dingen eten.”

Orthorexia
Later zou ze er achter komen dat wat ze heeft, orthorexia is. Een term die voor het eerst wordt geïntroduceerd door dr. Steven Bratman in 1997 in een artikel voor het tijdschrift Yoga Journal. Hij had aan den lijve meegemaakt dat een ongezonde fixatie op gezond eten een obsessie kan worden. Uiteindelijk komt hierdoor de gezondheid van een patiënt in gevaar. Het eten van ongezonde producten wordt compleet vermeden en kan daardoor zelfs angst opwekken. Lysanne herkent dit: “Ik ging op internet op zoek en ik had ergens gelezen dat er veel koolhydraten in doperwten zaten, dus ik was gewoon bang voor doperwten!”
Volgens Bratman wordt vaak eerst vlees van het menu geschrapt, daarna volgt brood en uiteindelijk zuivel. Hierna eet een patiënt vaak alleen nog rauwe en onbewerkte groente. Doordat veel producten vermeden worden, ontstaan er snel voedingstekorten. Dit zorgt er voor dat er vaak ondergewicht en ondervoeding optreedt. Daarnaast heeft orthorexia grote gevolgen voor het sociale leven van een patiënt, omdat veel sociale aangelegenheden vermeden worden. Zo ook in het geval van Lysanne: “Als ik bijvoorbeeld had afgesproken met vriendinnen om te winkelen dan had ik zoiets van: nee, ik moet om twaalf uur eten dus dan kan het niet… Maar om drie uur moet ik ook weer thuis zijn want dan moet ik weer eten. Zo erg plande ik alles, en ik heb vaak afgezegd omdat ik gewoon bang was. Ik raakte daardoor echt in een sociaal isolement.”

Orthorexia: een aparte eetstoornis?
Orthorexia wordt op dit moment niet erkend als officiële eetstoornis in het diagnostisch en statistisch handboek voor psychische stoornissen (DSM). Het handboek DSM wordt door een groep geselecteerde wetenschappers samengesteld bij de American Psychiatric Assocation. Het werd ooit ingesteld om te zorgen voor meer eenheid onder wetenschappers over verschillende stoornissen en definities en wordt gebruikt om diagnoses te stellen bij patiënten. Tegenwoordig is het DSM  ook leidend voor zorgverzekeraars om te bepalen of een behandeling vergoed wordt of niet.
Bijzonder hoogleraar eetstoornissen Eric van Furth, tevens verbonden aan het GGZ Rivierduinen Eetstoornissen Ursula, deed als een van de weinigen in Nederland onderzoek naar orthorexia. Hij verwacht niet dat de stoornis snel erkend zal worden in het DSM. “De vorige versie heeft negen jaar bestaan (de meeste recente: DSM-5, kwam in 2013 uit) wordt door een groep wetenschappers samengesteld bij de American Psychiatric Association. Dit doen ze op basis van beschikbaar wetenschappelijk onderzoek. In het geval van orthorexia: daar is amper onderzoek naar gedaan, we weten er echt nog niet genoeg van. Er zijn geen algemene kenmerken van opgesteld en dat is wel nodig om een stoornis te onderzoeken.”
Daar komt nog bij dat een stoornis eerst op de nominatielijst terecht moet komen. “Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer er een grote stroom van mensen met de symptomen van die stoornis te zien is. Maar dat is op dit moment ook niet zo, er melden zich echt te weinig mensen. En ook dan geldt: er moet genoeg onderzoek naar gedaan zijn.”

Hij vraagt zich daarnaast af of we wel moeten willen dat elke stoornis erkend wordt. “Dat heeft behalve gevolgen voor de samenleving ook gevolgen voor het zorgstelsel, de zorgkosten kunnen dan echt exploderen. En als alles dat in de buurt komt van een stoornis erkend zou worden, dan zou straks de meerderheid van onze samenleving een stoornis hebben.”

Dat er zich weinig mensen melden, kan ook komen doordat orthorexia vaak niet herkend wordt. Getallen over het aantal patiënten bestaan dan ook niet.
Als er wordt gekeken naar de algemene kenmerken, dan kan orthorexia ook gezien worden als dwangstoornis. Dit omdat patiënten voortdurend bezig zijn met tellen, meten en voedselregels en hier meerdere uren per dag aan besteden.
Omdat orthorexia niet officieel erkend wordt,  kan het ook niet als diagnose worden gesteld door een huisarts. Vaak krijgt een patiënt de diagnose Eetstoornis Niet Anderszins Omschreven (of sinds DSM-5: Other Specified Feeding and Eating Disorder). Dit betekent dat de stoornis symptomen toont van de andere erkende eetstoornissen (anorexia, boulimia en eetbuistoornis) maar niet in zijn geheel overeenkomt met een van deze stoornissen. Denk bijvoorbeeld aan een patiënt die alle symptomen van anorexia vertoond maar een normaal gewicht heeft. Nog vaker krijgt een patiënt met orthorexia de diagnose anorexia, omdat de twee stoornissen grote gelijkenissen hebben, en patiënten er zelf vaak later pas achter komen orthorexia te hebben. Daar komt bij dat een behandeling voor anorexia vergoed wordt door veel zorgverzekeraars.

Een trend durft Van Furth orthorexia niet te noemen. “Omdat er zo weinig over bekend is kunnen we ook niet zeggen of het een trend is of dat orthorexia onder een andere eetstoornis valt. Dat is gewoon erg lastig te stellen met het kleine beetje informatie dat we hebben.”
Hoewel dus nergens bevestigd wordt of orthorexia onder een andere eetstoornis valt, kunnen patiënten zulke informatie wel tegenkomen. Op de website van de organisatie Psyq, waar mensen met eetstoornissen terecht kunnen voor hulp, valt bijvoorbeeld te lezen: “Orthorexia valt vaak binnen een andere eetstoornis. Wanneer de beperkende dieetregels die horen bij orthorexia leiden tot ondergewicht en er – naast angst voor ongezonde producten – ook angst is om aan te komen en een wens om ondergewicht te hebben, is er sprake van anorexia nervosa. (…) Soms probeert iemand alleen maar gezond te eten, maar is er daarnaast ook sprake van momenten van controleverlies. Dan worden er veel ‘ongezonde’ of ‘verboden’ producten gegeten. Er hoeft dan geen sprake te zijn van ondergewicht. In dat geval past de problematiek meer bij boulimia nervosa.”

Veel overeenkomsten
Greta Noordenbos, universitair docent aan de Universiteit Leiden doet al jaren onderzoek naar eetstoornissen en gaf daar meerdere boeken over uit. Zij erkent dat de lijn tussen orthorexia en anorexia dun is. “Er zijn veel overeenkomsten, bij beide stoornissen zijn patiënten vaak onzeker en perfectionistisch. Maar er zijn ook verschillen.” Zo stelt Lysanne: “Ik kreeg meteen het label anorexia, terwijl dat in mijn ogen niet was wat ik had. Ik was veel meer bezig met zo gezond mogelijk eten in plaats van helemaal niet eten.” Noordenbos herkent dit. “De aanvoer van patiënten met orthorexia en van die met anorexia is echt anders. Patiënten met anorexia zijn geobsedeerd door afvallen, terwijl patiënten met orthorexia vooral gezond willen eten. Ze mijden hele productgroepen, wat uiteindelijk vaak ook leidt tot ondergewicht. De gevolgen zijn voor beide stoornissen vaak hetzelfde, vandaar dat ze dichtbij elkaar liggen.”
Noordenbos zoekt de oorzaak van orthorexia in onze eigen samenleving. “We leven in een cultuur waar gezondheid ontzettend centraal staat, dus de intentie is vaak goed: iemand wilt gezond eten. Vaak erkennen patiënten hun problemen daarom n eerste instantie zelf niet eens. Dat kan ook omdat de problemen bij orthorexia er veel meer insluipen. Het is niet zoals bij anorexia, waarbij de omgeving vaak snel kan zien dat het slecht gaat met iemand.”
Ze sluit niet uit dat orthorexia in de toekomst erkend gaat worden. “Maar dan zullen er wel veel mensen moeten zijn die er last van hebben.” Tot die tijd zouden huisartsen eerlijk moeten zijn tegen hun patiënten. “Voor het lichaam maakt het natuurlijk niet uit wat de gedachte achter het gedrag is, het heeft dezelfde gevolgen. Maar als jij een erkende stoornis als diagnose krijgt, heb je wel het gevoel: ik heb iets waar onderzoek naar gedaan is, het is echt.” Bij patiënten met orthorexia kan dat gevoel ontbreken, omdat zij vaak de diagnose anorexia of NAO (Eetstoornis Niet Anderszins Omschreven) krijgen. Noordenbos: “Als huisarts zou je gewoon moeten zeggen: ‘Je hebt iets wat lijkt anorexia, maar wat jij hebt heet eigenlijk orthorexia. Omdat het nog niet erkend is, krijg je tijdelijk de diagnose anorexia’. Dan voorkom je dat mensen zich niet begrepen voelen.”

Dat gevoel niet begrepen te worden, daar had ook Lysanne last van. “Er zit echt een gat qua hulpverlening. Vooral in de hulpgroep had ik het gevoel dat die experts weinig ervaring hadden met wat ik had. Het ging veel meer om het wel moeten eten. Terwijl ik dat wel wilde, maar ik wilde gewoon wat anders eten dan die Schijf van Vijf die zij aanprezen. Die schijf als richtlijn gebruiken is hartstikke goed, zeker voor meisjes met anorexia. Maar ik dacht dat ik veel meer wist over voedsel – ik had ten slotte het hele internet afgespeurd – en had daardoor het gevoel niet serieus genomen te worden.”
Ze denkt dat hulpverleners meer opgeleid zouden moeten worden in het helpen van patiënten met orthorexia. “Mijn begeleider zei op een gegeven moment: suiker heb je nodig. Terwijl suiker in mijn ogen super slecht was. Ik zei toen: Moet ik dan maar een stuk taart eten elke dag? Ze zei niet dat ze het er niet mee eens was, maar ik had het gevoel dat ze niet goed wist wat ze met mij aan moest.” Daar kwam nog bij dat Lysanne een stuk ouder was als de andere meisjes in de groep. “Ik was al achttien, de meeste meisjes daar waren rond de vijftien jaar. Ik wilde het zo graag zelf doen, juist omdat ik al ouder was.”
Uiteindelijk stopte ze met de cursus. “Ik ben in overleg met mijn ouders gestopt. Ik vond het niet bij mij passen omdat die meisjes daar zo gefocust waren op iets anders dan ik.”

Fithype
De oorzaak van het ontstaan van de orthorexia zoekt ze behalve in haar eigen onzekerheid ook in de ‘fithype’ van de laatste tijd. “Er zijn zoveel van die gespierde meisjes op Instagram. Dan denk ik: dat wil ik ook, ik wil ook aan dat beeld voldoen! Maar later weet ik, Lys, dat kan je helemaal niet! Dat is helemaal niet haalbaar. Soms word ik helemaal gek van alles wat ik daar voorbij zie komen, en dan skip ik gewoon een dagje social media.”

Ze besloot om zelf haar problemen aan te pakken en haar ouders steunden haar daarin. “Het heeft echt lang geduurd, want ik was vaak bang dus het ging zeker niet rooskleurig. Het was erg moeilijk. De ene dag ging het goed, de andere dag moest ik weer heel hard huilen omdat ik het niet meer zag zitten en smeet ik met spullen naar mijn ouders, gewoon omdat ik niet meer wilde.” Maar stapje voor stapje klom ze op. “Je maakt elke keer een grote stap vooruit en dan weer een klein stapje terug. Dat vraagt veel van je. Het duurde lang maar uiteindelijk is het me gelukt.”

Vijf jaar heeft het geduurd, maar nu gaat het goed met Lysanne. “Op een gegeven moment ging de knop gewoon om bij mij. Ik weet niet precies hoe dat kan maar ik dacht: ik wil gewoon leven en ik wil ook gewoon leuke dingen doen met vriendinnen.” Die leuke dingen, die waren er namelijk steeds minder. Daar komt nog bij dat ze vaak moe was. “Ik at natuurlijk heel weinig, dus ik had ook heel weinig energie. Maar vaak was ik daar eerlijk over naar vriendinnen en dan was een uurtje later afspreken geen probleem.”

Nu snapt ze het onbegrip van haar omgeving beter. “Voor iemand die geen last heeft van de gedachtes waar ik last van had is het heel moeilijk om te begrijpen dat je alleen maar heel gezond wilt eten. Natuurlijk weet ik dat ik chocola lekker is, maar dat kon ik toen gewoon echt niet eten.”

Af en toe merkt ze dat haar oude gedachtes terugkomen. “Ik ben vijf dagen per week bezig met mijn scriptie en in het weekend werk ik, dan merk ik wel dat als ik veel stress heb en dat ik die oude gedachtes weer terugkrijg. Dan ben ik zo moe dat ik denk dat alles slecht is, maar dan moet ik een dag rusten en dan gaat het wel weer.” Ook het eten gaat beter. “Ik kan nu ook gewoon een stuk taart eten met mijn vriend en soms denk ik dan wel van: Oei, een stuk taart, dat vind ik nog best eng, maar dan doe ik het wel.”

Op haar blog This is Joan probeert Lysanne openheid te geven over orthorexia. “Ik vind het belangrijk om dit te delen. Er is nog niet veel bekend over orthorexia en ik wil voorkomen dat andere mensen dezelfde fout maken als ik.”

Daarnaast denkt ze dat er meer voorlichting moet worden gegeven over gezond eten en hoe je daar in kan doorslaan. “Als organisaties bijvoorbeeld naar scholen gaan en daar presentaties houden waarin ze de fitgirlhype bespreken met de klas, zodat meisjes hun mening daarover kunnen geven, dan is het veel meer bespreekbaar. Dat lijkt me beter dan dat je ze aan hun lot overlaat.”
Ze hoopt dat meisjes in dezelfde situatie meer open zijn.  “Maar dat is tegelijkertijd lastig, want jonge meiden zijn vaak erg van: Ieh, nee ouders, dus die willen dat misschien helemaal niet delen. Maar toch: wees open! Als je dingen gaat verbergen wordt het erg moeilijk.”

Advertenties

3 Comments

  1. Hoi Dana,

    Dankjewel dat je dit artikel hebt geschreven! Je hebt het mooi verwoord. Dankjewel voor de bijzondere ervaring! Veel succes verder!

    Groetjes,

    Lysanne

    Like

    • Hi Lysanne,

      Dankjewel voor je reactie! Ik vond het ook heel mooi om met dit onderwerp aan de slag te gaan en jouw verhaal heeft veel indruk op me gemaakt! Jij ook bedankt.

      Groet,

      Dana

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s